Laadstation zwaar materieel A15

Langs de A15 komt 's werelds grootste laadstation voor zwaar materieel

Om de dijkversterking tussen Tiel en Waardenburg emissievrij te kunnen uitvoeren, bouwt de aannemerscombinatie eerst een reusachtig snellaadplein voor de graafmachines, kranen en ander materieel. Na voltooiing van het werk gaan Dura Vermeer, Van Oord en Ploegam samen met een energiecoöperatie door met het exploiteren van dit grootste snellaadstation voor zwaar materieel ter wereld.

De vier bedrijven gaan een gigantisch laadplein bouwen met 39 laadpalen met een totale laadcapaciteit zoals die nog nergens in de wereld te vinden is. De grootste vrachtwagens, graafmachines, damwandstellingen, asfaltwalsen en ander materieel kunnen daar gelijktijdig stroom tanken.

De WattHub XL wordt ook toegankelijk voor andere bedrijven en komt langs de A15 bij afslag Geldermalsen. Dat is op een paar kilometer afstand van de dijkversterking waar het allemaal mee begon.

Laadstation

Impressie van het toekomstige snellaadstation voor zwaar materieel aan de A15 bij Geldermalsen.

Laadstation

Voor WattHub worden de mobiele batterijen uitgerust met laadstopcontacten.

100 procent emissievrij

Bij de aanbesteding van de versterking van de Waaldijk tussen Tiel en Waardenburg gaf combinatie Mekante Diek aan de ambitie te hebben om het werk 100 procent emissievrij uit te voeren. Dit geldt niet alleen voor het vele grondverzet, maar ook voor het slaan van de damwanden, plaatsen van ankers, asfalteerwerkzaamheden en andere speciale technieken. In totaal zet de combinatie 41 zware elektrische machines in en vrachtwagens.

Voor de bouw van het XL-laadplein zijn Dura Vermeer, Van Oord en Ploegam een joint venture aangegaan met Betuwewind. Deze energiecoöperatie heeft onder andere drie windmolens staan bij afslag Geldermalsen, met een totaal vermogen van ruim 10 MW. Dat is het vermogen waar de combinatie, maar ook andere afnemers, overdag een beroep op kunnen doen.

Mits het voldoende waait natuurlijk. ’s Avonds kan de hub sowieso over de complete capaciteit beschikken van de netaansluiting. Bedrijven en omwonenden gebruiken dan minder stroom en de netbeheerder stelt minder beperkingen.

Batterijen wisselen

De verwisselbare accu’s waarmee veel machines zijn uitgerust, worden dan opgeladen bij het laadplein. Met elektrische vrachtwagens worden die accu’s daarna weer naar de bouwplaats vervoerd. Dat is volgens Anne Koudstaal, innovatiemanager bij Dura Vermeer en betrokken bij WattHub, praktischer dan de graafmachines en het andere materieel zelf naar het laadstation laten komen. Voor de machines met een vaste accu zet WattHub mobiele batterijen in van de jonge Nederlandse fabrikant Big Ass.Die zijn speciaal uitgerust met een laadstopcontact.

Het is volgens Koudstaal zeker niet zo dat er geen plek is bij WattHub voor de machines zelf. Integendeel, het laadplein is volgens hem juist heel ruim van opzet. De vrachtwagens en diepladers hoeven geen ingewikkelde insteekmanoeuvres uit te voeren om bij een laadpaal te komen. En als ze op hun plek staan, houden ze niet meteen meerdere laadpalen bezet. De 39 beschikbare laadpalen (van de Finse fabrikant Kempower) kunnen dus ook metterdaad allemaal tegelijk worden gebruikt.

Laadstation

Aannemers Dura Vermeer, Van Oord en Ploegam zijn voor de WattHub een joint venture aangegaan met energie-cooperatie Betuwewind.

Laadstation

De bouw van WattHub gaat begin 2023 van start en het plein wordt in de loop van april in gebruik genomen.

Dynamische regeling

Het slimme is dat de laadpalen dynamisch geregeld zijn en rekening houden met de laadcurve van de verschillende voertuigen. Dat is een groot verschil met de bestaande laadstations voor personenauto’s. Koudstaal: ‘Als er een vrachtwagen komt laden op de paal naast die waar jij staat, betekent dat dus niet dat het laadvermogen halveert, zoals je nu vaak ziet. Het station bepaalt het optimale vermogen, afhankelijk van onder andere het moment in de laadcurve en de temperatuur van de batterij.’

Zo’n batterij moet je volgens de innovatiemanager namelijk zien als een soort treincoupé die je vol met mensen probeert te krijgen. Naarmate de coupé voller raakt, wordt het steeds lastiger nieuwe passagiers binnen te laten. ‘Tot tachtig procent gaat het laden heel snel, daarna gaat het een stuk trager. En aan het begin gaat het sowieso nog langzamer omdat de coupé nog niet op een aangename temperatuur is. De besturing van WattHub houdt daar allemaal rekening mee zodat het station voortdurend het optimale vermogen levert.’

De planning is dat de WattHub in de loop van april 2023 in gebruik kan worden genomen. Dat valt ongeveer samen met de start van de werkzaamheden voor Mekante Diek.

Voorrang

De eerste weken houdt de combinatie het laadstation voor eigen gebruik, maar zodra alles goed is ingeregeld, wordt het ook opengesteld voor andere bedrijven en projecten. Die zullen daarvoor wel een account moeten openen bij WattHub. Om te laden moet vooraf via een app een plekje worden gereserveerd.

Afhankelijk van het gebruik en hoe snel de invoering van elektrisch zwaar transport verloopt, kunnen ook af en toe bedrijfsbusjes en personenwagens worden opgeladen. De 360kW-palen (met CCS-stekker) zijn daarvoor geschikt. Maar zwaar materieel krijgt altijd voorrang. Zware machines hebben immers niet veel andere mogelijkheden.

Windstille dagen

De ervaring van Betuwewind is dat het windpark bij Geldermalsen kampt met zo’n vijftien windstille dagen per jaar. Dan kan er overdag maar beperkt worden geladen. Gelukkig zien ze die windstille dagen doorgaans twee dagen van tevoren aankomen, zodat WattHub en klanten als bouwcombinatie Mekante Diek tijdig maatregelen kunnen nemen. Dat kan door op voorhand extra batterijen op te laden.

’s Avonds heeft WattHub sowieso altijd de beschikking over volledige aansluitcapaciteit dus dan kan er altijd geladen worden. Als terugval-optie kan de joint venture natuurlijk aggregaten inhuren. ‘Maar dat zullen we echt pas in allerlaatste instantie doen’, verzekert Anne Koudstaal van WattHub. ‘Als er echt geen andere mogelijkheden meer zijn en klanten zoals Mekante Diek echt geen enkel alternatief meer hebben en het werk geen vertraging meer kan oplopen.’

Spannend

‘Het is een spannende exercitie’, besluit Koudstaal. ‘We worden mede-exploitant van een laadstation. Niet bepaald de corebusiness van een bouwbedrijf, zou je zeggen. Maar met de huidige ontwikkelingen op de energiemarkt in combinatie met de trend tot emissieloos werken en gunnen, zou het mij verbazen als we hier snel weer uitstappen. Door de joint venture met Betuwewind zitten we als bouwers zelf aan de knoppen en zijn we minder afhankelijk van de grillige ontwikkelingen op de energiemarkt. Het is geen kwestie meer van even bij de brandstofleveranciers shoppen om te kijken waar je het goedkoopst je rode diesel krijgt. De vraag of je een werk 100 procent emissievrij kunt uitvoeren of niet, wordt steeds bepalender. En daarmee dus ook of je een aanbesteding wint of niet. De wereld ziet er echt heel anders uit.’

Tekst: Ad Tissink; illustraties: WattHub